Hoofdaannemers en onderaannemers werken samen aan de Safety Culture Ladder door gezamenlijke afspraken te maken over veiligheidscultuur, verantwoordelijkheden en gedragsverwachtingen. Het SCL-niveau van een onderaannemer heeft directe invloed op de beoordeling van de hoofdaannemer, waardoor afstemming tussen beide partijen geen optie is, maar een noodzaak. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over hoe die samenwerking er in de praktijk uitziet.
Wat zijn de SCL-verplichtingen voor onderaannemers?
Onderaannemers die werken voor een gecertificeerde hoofdaannemer zijn verplicht om aantoonbaar veiligheidsgedrag te tonen dat past bij de SCL-trede waarop de hoofdaannemer opereert of wil opereren. Dit betekent dat ook onderaannemers moeten kunnen laten zien hoe zij omgaan met veiligheid in de praktijk, niet alleen op papier. Afhankelijk van het contract kan een eigen SCL-certificaat voor de onderaannemer verplicht zijn.
De Safety Culture Ladder meet geen procedures, maar gedrag. Voor onderaannemers betekent dit concreet dat medewerkers op de werkvloer veiligheidsrisico’s herkennen, melden en bespreken. Dat vraagt om een open meldcultuur en zichtbaar leiderschapsgedrag, ook bij kleinere onderaannemende bedrijven.
Veel opdrachtgevers in de bouw en infrastructuur stellen inmiddels een minimale SCL-trede als contracteis. Vanaf 1 juli 2026 eisen opdrachtgevers die de Governance Code Veiligheid in de Bouw ondertekenen minimaal trede 3 van alle partijen in de keten. Onderaannemers die hier niet aan voldoen, lopen het risico niet meer in aanmerking te komen voor opdrachten via gecertificeerde hoofdaannemers.
De verplichtingen voor onderaannemers zijn doorgaans:
- Aantoonbare veiligheidscultuur die aansluit bij de gevraagde SCL-trede
- Medewerkers die actief deelnemen aan veiligheidsgesprekken en toolboxmeetings
- Een intern meldingssysteem voor incidenten en bijna-incidenten
- Leidinggevenden die zichtbaar veiligheidsgedrag tonen op de werkplek
- In sommige gevallen: een eigen SCL-certificaat van een geaccrediteerde Certificerende Instelling
Hoe beïnvloedt het SCL-niveau van een onderaannemer de hoofdaannemer?
Het SCL-niveau van een onderaannemer beïnvloedt de hoofdaannemer direct, omdat auditors bij een SCL-beoordeling de gehele keten in ogenschouw nemen. Wanneer een onderaannemer een lagere veiligheidscultuur heeft dan de hoofdaannemer nastreeft, kan dit de beoordeling van de hoofdaannemer negatief beïnvloeden of zelfs blokkeren.
De SCL beoordeelt cultuur en gedrag op alle niveaus van een organisatie en haar ketenpartners. Een auditor die op een bouwlocatie observeert hoe onderaannemers zich gedragen, betrekt die observaties bij het totaalplaatje. Als onderaannemers veiligheidsafspraken niet naleven of medewerkers geen open meldcultuur kennen, weerspiegelt dat zich in de veiligheidscultuur van het project als geheel.
Praktisch gezien geldt: hoe hoger de trede die een hoofdaannemer wil behalen of behouden, hoe meer hij afhankelijk is van het veiligheidsniveau van zijn onderaannemers. Op trede 4 en 5 wordt actief samenwerken aan veiligheid en het delen van kennis in de keten als sleutelindicator gezien. Een hoofdaannemer die op trede 4 wil opereren maar werkt met onderaannemers op trede 2, heeft een structureel probleem dat alleen door gerichte ketenafspraken en begeleiding opgelost kan worden.
Welke afspraken moeten hoofdaannemers vastleggen met onderaannemers?
Hoofdaannemers moeten met onderaannemers concrete afspraken vastleggen over veiligheidscultuurverwachtingen, gedragsstandaarden en de wijze waarop veiligheid op de werkplek wordt bewaakt en gerapporteerd. Deze afspraken horen thuis in het contract of een aparte veiligheidsovereenkomst en moeten meetbaar en controleerbaar zijn.
Goede afspraken gaan verder dan het opnemen van een SCL-trede als eis. Ze beschrijven ook hoe beide partijen samenwerken aan de naleving ervan. Denk aan de volgende elementen die vastgelegd moeten worden:
- Minimale SCL-trede: welke trede wordt verwacht van de onderaannemer en op welke termijn
- Gedragsverwachtingen: hoe medewerkers van de onderaannemer zich gedragen op de werkplek, inclusief meldingsgedrag en deelname aan veiligheidsdialogen
- Rapportageverplichtingen: hoe en hoe vaak de onderaannemer rapporteert over incidenten, bijna-incidenten en veiligheidsverbeteringen
- Toegang voor auditors: afspraken over de mogelijkheid voor de hoofdaannemer of een CI om medewerkers van de onderaannemer te interviewen en te observeren
- Consequenties bij niet-naleving: wat er gebeurt als de onderaannemer structureel niet voldoet aan de gestelde veiligheidscultuurverwachtingen
- Gezamenlijke activiteiten: toolboxmeetings, werkplekobservaties en veiligheidsgesprekken waarbij beide partijen betrokken zijn
Schriftelijk vastgelegde afspraken voorkomen discussies achteraf en geven beide partijen duidelijkheid over wat er van hen verwacht wordt. Ze vormen ook een belangrijk onderdeel van het dossier dat een auditor kan inzien tijdens een SCL-audit.
Hoe verloopt een gezamenlijke SCL-audit bij hoofd- en onderaannemers?
Bij een SCL-audit waarbij hoofd- en onderaannemers betrokken zijn, beoordeelt de auditor hoe de veiligheidscultuur zich manifesteert over de gehele projectketen. Dit betekent dat auditors niet alleen de hoofdaannemer interviewen, maar ook medewerkers van onderaannemers op de werkvloer observeren en bevragen.
Het auditproces verloopt doorgaans in de volgende fasen:
- Documentbeoordeling: de auditor bekijkt het veiligheidsmanagementsysteem van de hoofdaannemer, inclusief de ketenafspraken met onderaannemers
- Locatiebezoeken: de auditor bezoekt actieve werkplekken waar zowel hoofd- als onderaannemers actief zijn
- Interviews op alle niveaus: gesprekken met directie en management van de hoofdaannemer, maar ook met uitvoerend personeel van onderaannemers
- Gedragsobservaties: de auditor observeert feitelijk veiligheidsgedrag op de werkvloer, ongeacht welke partij de medewerkers in dienst heeft
- Rapportage en beoordeling: bevindingen over de gehele keten worden meegewogen in het eindoordeel
Voorbereiding is cruciaal. Onderaannemers moeten weten dat er een audit plaatsvindt en wat er van hen verwacht wordt. Medewerkers die niet weten wat de SCL inhoudt of die onverwacht worden aangesproken door een auditor, kunnen onbedoeld een negatief beeld geven van de veiligheidscultuur. Goede communicatie vooraf, gezamenlijke briefings en gedeelde toolboxmeetings helpen alle betrokkenen op één lijn te brengen.
Wat zijn de meest voorkomende knelpunten in de SCL-samenwerking?
De meest voorkomende knelpunten in de SCL-samenwerking tussen hoofdaannemers en onderaannemers zijn een verschil in veiligheidscultuurrijpheid, onvoldoende communicatie over verwachtingen en het ontbreken van concrete ketenafspraken. Deze problemen zijn herkenbaar en oplosbaar, maar vragen om tijdige aandacht.
Cultuurverschillen tussen partijen
Hoofdaannemers die al op trede 3 of hoger opereren, werken regelmatig samen met onderaannemers die nog op trede 2 zitten. Dat verschil in rijpheid is niet direct een probleem, maar het wordt er een als er geen actief plan is om de onderaannemer mee te nemen in de gewenste cultuurontwikkeling. Veiligheidscultuur laat zich niet afdwingen via contracten alleen; het vraagt om gezamenlijke activiteiten, coaching en vertrouwen.
Onvoldoende voorbereiding op de audit
Een veelgemaakte fout is dat onderaannemers pas laat worden betrokken bij de voorbereiding op een SCL-audit. Medewerkers die niet weten wat de SCL is, wat een auditor vraagt of hoe zij veiligheidsincidenten horen te melden, presteren slecht tijdens interviews en observaties. Dit weerspiegelt zich in de beoordeling, ook al is de veiligheidscultuur in de praktijk beter dan het beeld dat naar voren komt.
Onduidelijke contractuele afspraken
Wanneer contracten alleen een SCL-trede als eis benoemen zonder te beschrijven hoe die eis wordt ingevuld en gecontroleerd, ontstaan er discussies. Onderaannemers weten dan niet wat er concreet van hen verwacht wordt en hoofdaannemers hebben geen handvatten om bij te sturen. Duidelijke, gedetailleerde afspraken aan het begin van een samenwerking voorkomen dit.
Hoe wij helpen bij SCL-samenwerking in de keten
Wij begeleiden zowel hoofdaannemers als onderaannemers bij de volledige implementatie en certificering van de Safety Culture Ladder. Onze aanpak is praktisch en gericht op de samenwerking in de keten, van de eerste nulmeting tot aan de gezamenlijke audit.
Wat wij voor jou doen:
- Uitvoeren van een nulmeting bij zowel hoofd- als onderaannemer om het huidige cultuurrijpheidsniveau te bepalen
- Opstellen van concrete ketenafspraken en veiligheidsovereenkomsten die aansluiten bij de gewenste SCL-trede
- Trainen en coachen van leidinggevenden en medewerkers op alle niveaus, ook bij onderaannemers
- Begeleiden van gezamenlijke toolboxmeetings en veiligheidsdialogen in de keten
- Voorbereiden van alle betrokken partijen op de SCL-audit, inclusief interview- en observatievoorbereiding
- Ondersteunen bij het opzetten van een open meldcultuur die over de gehele keten werkt
Wil je weten hoe jouw organisatie en jouw onderaannemers er samen voor staan op de Safety Culture Ladder? Neem contact op en we kijken samen naar de beste aanpak voor jouw situatie.
