De Veiligheidsladder (Safety Culture Ladder) wordt steeds vaker gebruikt om inzicht te krijgen in de veiligheidscultuur binnen organisaties. Veel bedrijven die starten met SCL-certificering komen uit op trede 2. Dit is het niveau waarop organisaties veiligheid wel belangrijk vinden, maar vooral reageren als er incidenten of bijna-ongevallen plaatsvinden.
Trede 2 is daarmee een belangrijke fase: u voldoet aan de basis, maar er is nog veel ruimte voor groei richting structureel en proactief veiligheidsgedrag. In deze blog leest u precies wat trede 2 inhoudt, welke eisen gelden en wat auditors verwachten wanneer zij uw organisatie beoordelen.
Wat betekent trede 2 op de Veiligheidsladder?
Trede 2 wordt ook wel het reactieve niveau genoemd. Er is aandacht voor veiligheid, maar incidenten zijn vaak de aanleiding om maatregelen te nemen. De organisatie probeert risico’s te beheersen, maar de aanpak is nog niet structureel of voorspelbaar.
Kenmerkend voor trede 2:
- Veiligheid speelt een rol, maar is geen integraal onderdeel van alle activiteiten.
- Medewerkers melden incidenten, maar vooral wanneer er iets misgaat.
- Leidinggevenden spreken medewerkers soms aan, maar niet consequent.
- Leren van fouten gebeurt, maar ad hoc.
- Regels en procedures zijn aanwezig, maar worden niet altijd consequent gevolgd.
Trede 2 vormt meestal het startpunt voor bedrijven die hun veiligheidscultuur willen opbouwen.
Eisen en verwachtingen op trede 2
Hoewel trede 2 geen hoog volwassenheidsniveau is, heeft de Veiligheidsladder duidelijke verwachtingen. Een organisatie moet kunnen laten zien dat veiligheid wordt erkend en dat er basismaatregelen zijn genomen om risico’s te beheersen.
De belangrijkste eisen op een rij.
-
Incidenten leiden tot actie
Wanneer een ongeval of bijna-ongeval plaatsvindt, neemt de organisatie maatregelen. Deze acties zijn gericht op het voorkomen van herhaling, al is dit vaak nog onderdeel van een reactieve werkwijze.
Auditors willen zien dat:
- incidenten worden geregistreerd;
- oorzaken worden onderzocht;
- maatregelen worden genomen, ook al zijn deze soms beperkt of tijdelijk.
-
Basisprocedures zijn aanwezig
Er bestaan richtlijnen en werkafspraken rond veiligheid, maar deze zijn nog niet altijd integraal ingebed.
Voorbeelden:
- gebruik van PBM’s;
- basisinstructies voor risicovolle werkzaamheden;
- meldingsprocedures bij incidenten;
- toolboxmeetings wanneer nodig.
Auditors kijken vooral of deze afspraken bekend zijn bij medewerkers.
-
Leidinggevenden geven richting, maar niet structureel
Leidinggevenden op trede 2 houden zich bezig met veiligheid, maar vaak vanuit noodzaak. Bewust en actief veiligheidsleiderschap is nog beperkt.
Auditors verwachten:
- dat leidinggevenden reageren wanneer zij onveilig gedrag zien;
- dat zij medewerkers aanspreken indien nodig;
- dat zij basisafspraken handhaven.
-
Medewerkers hebben veiligheidsbewustzijn, maar handelen niet altijd proactief
Medewerkers begrijpen dat veiligheid belangrijk is, maar ondernemen niet altijd actie wanneer zij risico’s zien.
Kenmerkend:
- men volgt regels, maar soms vooral “omdat het moet”;
- meldingsbereidheid is aanwezig, maar verhoogt pas na incidenten;
- risico’s worden herkend, maar niet altijd gedeeld.
-
Communicatie over veiligheid is beperkt
Er is communicatie over incidenten en instructies, maar deze is vaak incidenteel of gericht op de korte termijn.
Voorbeelden:
- toolboxen na een incident;
- waarschuwingen bij gevaarlijke situaties;
- korte besprekingen tijdens werkoverleggen.
Auditors letten op de helderheid en regelmaat van communicatie.
-
Er wordt geleerd, maar vooral na problemen
Leren staat centraal op hogere treden. Op trede 2 is dit nog voornamelijk reactief.
Auditors verwachten dat:
- incidenten worden besproken;
- verbeteringen worden doorgevoerd;
- herhaling wordt voorkomen, al is dit nog geen structurele cyclus.
Wat laat een organisatie op trede 2 zien?
Een organisatie die voldoet aan trede 2 laat onder andere zien dat:
- veiligheid erkend wordt als belangrijk onderwerp;
- er basisafspraken zijn die door een groot deel van het personeel worden gevolgd;
- incidenten serieus worden genomen;
- er stappen worden gezet om veiligheid bewuster te maken;
- leidinggevenden naar vermogen reageren op risico’s;
- medewerkers openstaan voor instructies en basisregels.
Trede 2 draait vooral om bewustwording, herkennen van risico’s en eerste stappen naar verbetering.
Hoe groeit een organisatie door naar trede 3?
Veel organisaties zien trede 2 als tussenstap richting trede 3, waarin veiligheid structureler wordt ingebed. De belangrijkste verbeterpunten zijn dan:
- procedures standaardiseren en actueel houden;
- veiligheid integreren in werkoverleggen;
- leidinggevenden trainen in actief veiligheidsleiderschap;
- meldingsbereidheid vergroten;
- leren zichtbaar en systematisch maken (bijv. trendanalyses);
- afspraken consequent handhaven.
Voor organisaties die willen doorgroeien, vormt trede 2 een waardevolle basis.
Trede 2 van de Veiligheidsladder is het niveau waarop veiligheid serieus wordt genomen, maar nog niet structureel en proactief wordt toegepast. Incidenten spelen een belangrijke rol in het verbeteren van gedrag en processen.
Deze trede geeft organisaties een helder startpunt om verder te groeien. Door structuur aan te brengen, leiderschap te versterken en medewerkers meer te betrekken, ontstaat de beweging richting trede 3 en verder.
Wilt u weten op welke trede uw organisatie staat of hoe u doorgroeit naar trede 3? Bij Diks Process Support ondersteunen wij bedrijven met nulmetingen, cultuurtrajecten en begeleiding richting SCL-certificering. Neem gerust contact op voor een vrijblijvend adviesgesprek.